Ooglaseren? Bepaal eerst wat de risico’s zijn per ooglasermethode!

Je hebt maar één stel ogen en daar moet je het je hele verdere leven mee doen. Is het dan niet volkomen logisch dat je dan kiest voor een ooglasermethode die zo min mogelijk structurele problemen en blijvende risico’s geeft? Hoe komt het dan dat er toch nog zo veel mensen zijn, die niet voor de veiligste oogbehandeling kiezen? Er zijn nog steeds veel ooglaserklinieken die hardop durven te beweren dat hun achterhaalde lasermethode naast de nieuwste óók de veiligste ooglaserbehandeling methode is. Die claim klopt helaas niet bij heel veel oogklinieken, maar wordt door de consument jammer genoeg vaak als zoete koek geslikt. Cliënten die goed beslagen ten ijs komen en zich grondig laten informeren over voor- en nadelen van verschillende methoden, zullen sneller het kaf van het koren kunnen scheiden. Lange tijd was LASIK de meest populaire en meest toegepaste ooglasermethode. Totdat een aantal jaren geleden bleek dat het hoornvlies

Ooglaseren en ooglaserbehandelingsmethoden.

LASIK en de daarmee gerelateerde methoden IntraLase, IntraLasik, Femto-Lasik, en FemtoSecond Laser zijn gebaseerd op een ooglaser behandelingsmethode, die gebruik maakt van de hoornvliesflap. Onderzoek door de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) toont aan dat ogen die volgens de LASIK-methode zijn gelaserd, altijd een zwakke plek behouden. De FDA is de Amerikaanse federale ‘waakhond’ die consumenten beschermt tegen misstanden op het gebied van zorg en gezondheid en veel kritiek heeft op de LASIK-methode.                Kwalijke praktijken van sommige aanbieders van Lasik-methodes Ondanks het feit dat is aangetoond dat LASIK vele nadelen kent, weifelen veel ooglaserklinieken vooralsnog om van deze populaire (en winstgevende) methode af te stappen. Erger nog, er zijn nog legio aanbieders die onveranderd beweren dat LASIK (en daarmee gerelateerde methodes) de veiligste ooglaser methodes zijn. Daarmee wordt de waarheid geweld aangedaan. Voortschrijdend inzicht heeft geleerd dat het hoornvliesflapje niet meer volledig vastgroeit, waardoor het altijd een zwakke plek